Ik vertoon dwangmatig gedrag en ik praat veel tegen mijzelf

Leestijd: 4 minuten

17:30 – De afgelopen dagen waren ronduit kut, omdat ik flink teruggevallen was in mijn oude gedragspatronen als gevolg van het contact met andere mensen. Met name het contact met mijn zusje triggert (nog steeds) oude afweermechanismen van ‘valse hoop’ merk ik. Op dit moment ben ik bezig met een vier vragen-uitwerking van Byron Katie om deze specifieke illusie te ontmantelen en te doorzien.

Op dit moment zit ik met een ego opgescheept dat zichzelf van flink wat energie heeft voorzien en daarom nu erg sterk is – zie ook het egovliegwiel-principe. Persoonlijk vind ik dit één van de moeilijkste fases om door te maken, zodat ik ik weer terug kan keren naar een staat van Zijn met rust en vrede in mijzelf. Het ego is op dit moment erg sterk omdat ik mij er langere tijd actief mee geïdentificeerd heb; het is gewoon een kwestie van de tijd uitzingen en afkicken ervan.

Het lastige is dat ik constant de neiging heb om het probleem dat ik voel – ‘ik voel me slecht/kut’ – op te willen lossen door dingen te gaan doen, mijzelf af te leiden, slecht te gaan eten, films te gaan kijken, klaarkomen, etc., terwijl ik diep van binnen weet dat het – een goed gevoel nastreven – allemaal niet helpt. Sterker nog, het verlengt mijn pijn en lijden alleen maar. Ik zal mij zeer bewust moeten zijn van mijzelf en mij niet laten verleiden door allerlei externe prikkels en dingen ‘buiten mijzelf’.

Ik wil niet accepteren hoe ik mij voel

Ik merkte vandaag ook dat sommige weerstanden en identificaties heel subtiel kunnen zijn, waardoor ik het hiernu niet onvoorwaardelijk accepteer. Ik werd me er vanmiddag pas van bewust dat ik niet wilde accepteren hoe ik mij voelde; ik bleef vechten tegen hoe ik mij voelde op een sluwe manier. Ik bood net voldoende weerstand om het hiernu niet te accepteren en mij eraan over te geven. Het denken en het ego kunnen zo sneaky zijn zonder dat ik mij er bewust van ben – ook al heb ik een soortgelijke situatie al tientallen keren meegemaakt. Ik ben ook van mening dat het soms gewoon lastiger is om te zien waar ik mij nou precies mee identificeer, wat ik nou precies probeer te bereiken met mijn weerstand.

Ik lijk steeds dwangmatiger te worden

Wat mij ook opvalt is dat de drang om controle te hebben én te houden zich lijkt te verplaatsen in mijn leven. Ik ben me er nu zeer van bewust dat ik controle probeer te houden op routinematige dingen in en rondom het huis zoals: het dekbed dubbel slaan zodat alles kan luchten als ik ben opgestaan, rolgordijnen direct omhoog doen als ik ben opgestaan, de afwas doen in de ochtend, lijstjes bijhouden wat ik nog moet kopen in verschillende winkels, etc. Natuurlijk is er niets mis met deze handelingen, maar de drang om ze iedere dag consequent uit te voeren voelt niet prettig maar erg dwangmatig.

Ikzelf heb het idee dat hoe meer overtuigingen en het daaruit voortkomend gedrag ik loslaat, des te sterker worden de neigingen en drangen die nog wel aanwezig zijn. Alsof de nog aanwezige overtuigingen en het daaruit voortkomende gedrag van extra energie worden voorzien en significant sterker worden. Anders gezegd, in zijn totaliteit wordt het ego stapje voor stapje minder sterk, maar het lijkt alsof de nog aanwezige controlemechanismen (tijdelijk) sterker en krachtiger worden, al zou het ook goed kunnen dat ik mij dit verbeeld hoor…

Egodiscipline versus ‘inner-weten’-discipline

Een belangrijk onderdeel van het pad naar ‘Verlichting’ is discipline. Ik zat sinds mijn tienertijd tot een paar maanden geleden extreem in mijn hoofd en kon daarom altijd extreem gedisciplineerd zijn. Ik beschouwde discipline altijd als een eigenschap van het denken of in ieder geval iets dat uit het denken voortkwam. Echter, de laatste maanden heb ik geleerd dat ik ook gewoon iets kan doen zelfs als ik weerstand voel en zonder tussenkomst van het denken. Ik vind het bijvoorbeeld belangrijk dat ik fysiek in goede conditie ben, dus doe ik elke dag een workout van 15 minuten. En hier komt dus geen discipline vanuit het denken – of laat ik het egodiscipline noemen – aan te pas. Het is een discipline waar ik het bestaan niet van kende, maar voortkomt uit mijn ‘inner-weten’. Bijzonder om te ervaren dat ik zonder tussenkomst van het denken en zonder controle uit te oefenen toch gedisciplineerd kan zijn, al zal dit waarschijnlijk voor velen waarschijnlijk tegenstrijdig lijken wat ik hier schrijf.

Waarom praat ik tegen mijzelf?

Ik merk dat ik gedurende een dag veel tegen mijzelf en mijn poezen praat. Dat ik als het ware overleg met mijzelf om een beslissing te maken of gewoon zaken overdenk terwijl ik er feitelijk niets mee opschiet. Denken om te denken zonder doel zou ik zeggen. Maar waarom praat ik tegen mijzelf? Waarom overleg ik met mijzelf? Omdat ik mijzelf niet vertrouw natuurlijk. Ik vertrouw mijzelf al een stuk meer dan vier maanden geleden, maar het absolute vertrouwen in ‘mijzelf’ en het Leven ontbreekt nog steeds. Of beter gezegd: het absolute vertrouwen wordt bedekt door allerlei lagen overtuigingen en samenhangende emotionele energie waar ik aan vast blijf houden, waardoor ik wantrouwen richting ‘mijzelf’ en het Leven ervaar.

Ik heb geleerd dat het ego/het zelf niet werkelijk bestaat, maar is opgebouwd door een enorme hoeveelheid lagen (lees: overtuigingen) waar ik mij mee identificeer en zo de illusie van het ego/het zelf in stand houd. Door tegen mijzelf te praten en met mijzelf te overleggen a) bevestig ik de overtuiging dat het ego/het zelf wel degelijk bestaat en b) voorzie ik het ego/het zelf ook constant van nieuwe energie. Als ik blijkbaar geen mensen om mij heen heb die ik kan gebruiken om mijn zelfbeeld naar mij terug te reflecteren, gebruik ik gewoon mijzelf om mijn eigen zelfbeeld naar mijzelf terug te reflecteren in mijn hoofd, haha. Ik (lees: het ego/het zelf) moet toch ergens aan mijn energiebehoefte komen? Haha.

Door hardop tegen mijn poezen of in mijn hoofd tegen mijzelf te praten houd ik de illusie van afgescheidenheid in stand. Ik probeer met alle macht het afgescheiden zelf dat ik geloof te zijn in stand te houden en te voorkomen dat het afsterft. Dit is zo’n hardnekkig patroon dat ik mij echt bewust en meditatief door de dag heen moet bewegen om hier niet in mee te gaan. Oefenen, oefenen en nog meer oefenen dus. Wat betreft het praten tegen de poezen, het zou ook kunnen dat het natuurlijk gedrag is ‘wat uit mij komt’ al kan ik daar op dit moment weinig zinnigs over zeggen. ~ lzv