Zes verschillende controlemechanismen van het ego (op dit moment)

Leestijd: 4 minuten

18:30 – In dit bericht wil ik wat dingen beschrijven die mij de afgelopen dagen opvielen. Van een aantal gedachte- en gedragspatronen was ik mij al bewust, alleen kan ik er mijzelf er nog flink mee identificeren blijkt.

Zelfveroordeling als controlemechanisme

Het eerste punt gaat over zelfveroordeling. Ik merk dat ik mijzelf achteraf enorm veroordeel als ik eerder een langere tijd vanuit angst heb gehandeld. Tijdens het leggen van de ondervloer met mijn bovenbuurman heb ik het grootste deel van de tijd uit angst gehandeld. Dat is natuurlijk balen, maar ik veroordeel mijzelf achteraf enorm dat ik daar op dat moment ‘in bleef hangen’. Natuurlijk kan ik er leerpunten voor mijzelf uittrekken en dat doe ik ook, maar mijzelf achteraf – of überhaupt – veroordelen heeft totaal geen zin en nut. Het is het ego dat zichzelf veroordeelt, op de kop geeft en de schuld geeft dat het anders had moeten handelen → een controlemechanisme om zichzelf in stand te houden.

De mate van zelfveroordeling is zo erg dat ik niet meer kan zien wat ik wel ‘goed’ heb gedaan en wat ik samen met mijn buurman heb bereikt. Ik trap mijzelf achteraf helemaal de grond in door mijzelf te toetsen aan mijn eigen kritische voorwaarden en vereisten, waardoor ik mijn eigen faalangst alleen maar in stand houd. Het is een zelfversterkend en destructief mechanisme waardoor ik moeilijk vertrouwen opbouw.

Proberen te ontsnappen aan hoe ik mij hiernu voel

Ik geloof nog steeds dat ik kan ontsnappen aan hoe ik mij hiernu voel. Als gevolg van het volgen van ‘valse macht’- of ‘valse hoop’-gedrag kan ik flinke lichamelijke spanning en stress opbouwen, waarna ik er probeer aan te ontkomen door mij te fixeren op ‘iets’ in de ‘buitenwereld’. Ik moet er bewust moeite voor doen via meditatie en ademhaling om ‘mijzelf’ weer terug te halen naar hiernu → onvoorwaardelijke acceptatie van hoe ik mij hiernu voel.

Zoeken naar geluidsoverlast als controlemechanisme

Dit punt heb ik de afgelopen dagen al eerder genoemd volgens mij. Ik (lees: het ego) haalt veel identiteit door zich druk te maken over allerlei geluiden die ik gedurende een dag hoor, en deze mogelijk bestempelen als geluidsoverlast → ze houden geen rekening met mij → ik ben niet belangrijk en ik doe er niet toe → ik besta niet.

Rekening houden met anderen vanuit angst is zo diep in mij geworteld merk ik, dat ik het onbewust ook op anderen projecteer. Ik merk dat ik al veel bewuster ben geworden wat dit betreft, maar dat ik hier nog veel in te leren heb. Ik ben hooggevoelig, maar het ego misbruikt deze hooggevoeligheid ook vaak – door te zoeken naar én focussen op eventuele geluidsoverlast – om er zelf bestaanszekerheid uit te halen.

Het denken probeert zichzelf te controleren

Een ander hardnekkig patroon dat regelmatig opdoemt is de waarnemende controleur of de waarnemende criticus. Ik merk dat ik vaak het denken zelf probeer te controleren → het denken probeert zichzelf te controleren, echt lachwekkend. Ook dit gedachtepatroon ontstaat vanuit mijn diepe angst om te falen; ik probeer voortdurend bewust te zijn van eventueel ‘valse hoop’- en ‘valse macht’-gedrag, zodat ik direct kan ingrijpen en mijzelf een halt toe kan roepen. Het probleem is dat ik mijzelf hiermee geen enkele bewegingsruimte meer verschaf → ik mag geen enkele fout meer maken en mocht ik toch een fout maken, dan dien ik mij daar direct bewust van te zijn en deze te corrigeren. Dit is natuurlijk geen leven, omdat ik feitelijk niet van mijzelf (lees: het ego) mag bestaan zoals ik in elkaar zit. Ik mag van het ego alleen bestaan als waarnemend wezen dat alles in zichzelf blokkeert uit angst dat ik fout gedrag vertoon en dus een fout of slecht persoon ben → daar haal ik identiteit uit en dat is alles wat ik ben.

Mijzelf bewust zijn van mijzelf, mijn gedrag en ‘wat er uit mij komt’ vanuit Liefde is prima, maar zodra ik dat vanuit angst en controle doe wijs ik ‘mijzelf’ hiernu af en veroordeel ik ‘mijzelf’ voortdurend → ik ben superstreng voor mijzelf en geef mijzelf weinig tot geen enkele bewegingsruimte en ruimte om te ademen. In deze staat ben ik weliswaar lichamelijk levend, maar op een wezenlijk niveau zo goed als dood. De zelfafwijzing en zelfveroordeling is totaal → er verschijnt weinig tot niets wezenlijks van ‘mijzelf’ aan de oppervlakte.

Ik verzin redenen om mijn beperkingen en klachten te rechtvaardigen

Van de week had ik een gesprek met mijn consulente van de bijstand over mijn krachten, beperkingen en huidige lichamelijke klachten. Ik merk in mijzelf het patroon op dat ik telkens redenen probeer te verzinnen die rechtvaardigen hoe ik in elkaar zit en welke beperkingen en lichamelijke klachten ik hiernu heb/ervaar. Alsof ik er niet gewoon mag zijn met al mijn krachten, beperkingen en lichamelijke klachten. Alsof ik alleen zo mag zijn als ik er legitieme redenen voor heb. Complete waanzin natuurlijk. Ook hier probeert het ego weer extreem de controle te houden over zichzelf en het Leven, om daarmee zijn eigen bestaan zeker en veilig te stellen.

Ik begin mijn krachten steeds meer te zien en waarderen, en tegelijkertijd zie ik ook steeds duidelijker de specifieke beperkingen die ik als individu heb. En beiden zijn goed. Ik heb in ieder geval zin om weer parttime te gaan werken en wat zich langzaam begint te vormen, is het idee om mijzelf naar Java-programmeur om te laten scholen. Ik heb alle kwaliteiten en vaardigheden om goed te kunnen programmeren, alleen de kennis nog niet 🙂

Zoeken naar bevestiging bij mijn innerlijke stem

Tenslotte, een gedragspatroon dat vele malen erger was, maar nog wel aanwezig is, is mijn neiging om bevestiging te zoeken bij mijn innerlijke stem. Of beter gezegd, wachten of er een duidelijke ‘nee’, ‘niet doen’ of andere feedback komt of niet. Natuurlijk zoek ‘ik’ als het Geheel, het Ene Ding of Bewustzijn geen bevestiging, maar is het het ego dat bevestiging zoekt.

Inmiddels ben ik erachter dat mijn ‘innerlijk-weten’ zich op meerdere manieren manifesteert. Het kan in stemvorm zijn, maar waarbij er toch altijd de kans bestaat dat ik tegen het ego praat. Zelf vind ik dat ik het onderscheid goed kan maken als ik helemaal bij ‘mijzelf’ en goed geaard ben, maar als ik langere tijd in een bepaalde afweer heb gezeten is het vaak lastig en troebel.

Het ‘innerlijk-weten’ manifesteert zich overigens altijd via het lichaam. Dit kan in de vorm van directe lichamelijke spanning en/of stress zijn, maar ook veel subtieler waarbij ik de energie ‘weg voel vloeien’ als ik mij bijvoorbeeld in gedachten voorneem om iets te doen of juist op het punt sta om iets te gaan doen. Het lijkt of er een energetisch evenwichtsorgaan in mijzelf aanwezig is die mij precies ‘vertelt’ wat wel ‘klopt’ en wat niet. Op dit gebied heb ik al enorme stappen gemaakt, maar ik mag mij er nog beter op leren afstemmen. ~ lzv