Wat betekent een illusie? En hoe doorzie ik een illusie waar ik in geloof?

Leestijd: 3 minuten

22:00 – In de non-dualiteit en spiritualiteit wordt vaak gesproken dat de ideeën waar we in geloven en de ervaringen die we lijken te hebben een illusie zijn. Maar wat betekent het woord ‘illusie’ nou eigenlijk? En waarom wordt het zo genoemd?

Een illusie veronderstelt dat wat ik ervaar geen basis heeft in de realiteit zoals deze daadwerkelijk is. Anders gezegd, dat wat ik ervaar, voel en bestempel als ‘mijn werkelijkheid’ en ‘echt’ heeft geen werkelijkheidswaarde buiten mijzelf als persoon – buiten mijn eigen geest dus 🙂 Ik kan dus geloven, ervaren en voelen dat ik een slecht en waardeloos persoon ben, maar in de realiteit is daar geen enkele aanwijzing voor. Desondanks zie en verzin ik constant ‘bewijs’ om mijn eigen negatieve zelfbeeld te rechtvaardigen en daarmee in stand te houden. Mijn negatieve zelfbeeld voelt ‘echt’, maar is onwaar (net zoals elk zelfbeeld trouwens 😉 )

Elke illusie is een afweermechanisme

Een andere manier om tegen een ‘illusie’ aan te kijken, is dat het een afweermechanisme is om mijzelf te ‘beschermen’ tegen de realiteit. Als kind heb ik – net zoals ieder ander – emotioneel moeilijke, onzekere en onveilige situaties moeten doorstaan. Om mijzelf tegen (toekomstige) emotionele pijn te beschermen, heb ik de realiteit verdrongen én ontkent door iets te geloven waardoor ik een nieuwe ingebeelde werkelijkheid voor mijzelf creëerde. Hiermee wendde ik een directe confrontatie met de emotionele pijn – in ieder geval tijdelijk – af.

De nieuwe werkelijkheid voelt ‘echt’ en wordt ook zo ervaren, maar is in werkelijkheid dus een afweermechanisme om mijzelf te ‘beschermen’ tegen de waarheid dat ik ten diepste niet kan ontsnappen aan de realiteit van hoe ik mij werkelijk voel. En dat terwijl ik dus geloof en ervaar dat het wel mogelijk is. Als dat geen mooi voorbeeld van een illusie is… 😉

De illusie van controle uitgelegd

Weer een andere manier om tegen een ‘illusie’ aan te kijken is dat het een ingebeeld controlemechanisme is van het ego. Het ego wijst de realiteit hiernu af door een werkelijkheid te creëren waarin het wel kan krijgen wat het gelooft nodig te hebben. En waarin het dus tegelijkertijd weigert te accepteren hoe het zich voelt (= ik weiger te accepteren hoe ik mij voel).

Elk probleem creëert een oplossing (= doel) vanwege het duale karakter van het denken, waarmee het ego zichzelf een ‘oplossing’ voor zijn probleem voorspiegelt. Door hiernaar te streven en het proberen te bereiken, creëert het ego heel vernuftig de illusie van controle voor zichzelf (jakkes).

De illusie van controle creëert – zoals de drie woorden al impliceren – de illusie dat het ego macht over zichzelf en zijn eigen leven heeft, én zelf bepaalt hoe het zich ten diepste voelt. Hier komt het uiteindelijk allemaal op neer: het ego wil controle over zijn gevoelsleven en probeert dat te bereiken via allerlei illusies (= afweermechanismen) die geen enkele werkelijkheidswaarde hebben buiten de duale werkelijkheid van het ego (= buiten mijn eigen geest). Alle illusies komen dan ook voort uit angst en zijn gebaseerd op niets; ze hebben geen substantie en geen enkele basis in de realiteit zoals deze daadwerkelijk is. Vandaar dat het illusies worden genoemd 😉

Hoe doorzie ik een illusie waar ik in geloof?

De enige manier om een illusie te doorzien en uiteindelijk helemaal los te laten, is door een overtuiging waar ik in geloof grondig te onderwerpen aan onderzoek. Dit houdt in dat ik een overtuiging die ik ten diepste voor ‘waar’ aanhoudt (en dus geloof) onderzoek op ‘waarheid’ door:

A) De gevolgen op emotioneel en lichamelijk gebied en wat er verder met mij gebeurt (als ik die specifieke overtuiging geloof) voor mijzelf in kaart te brengen.

B) Argumenten en bewijs te verzamelen die de oorspronkelijke overtuiging ontkrachten (bijvoorbeeld het bewijs leveren dat er één zwarte zwaan bestaat, waardoor het onmogelijk is geworden dat er alleen maar witte zwanen bestaan).

C) En/of argumenten en bewijs te verzamelen waaruit blijkt dat het tegendeel net zo ‘waar’ kan zijn als de oorspronkelijke overtuiging (de welbekende ‘omkeringen’ die Byron Katie gebruikt aan het einde van haar ‘Vier vragen’-uitwerkingen). Byron Katie adviseert om voor iedere ‘omkering’ drie echte voorbeelden in mijn dagelijks leven te vinden. Een voorbeeld:

Oorspronkelijke overtuiging: ‘mijn vriendin luistert niet naar mij’.

  1. Omkering: ‘ik luister niet naar mijzelf’ + drie echte voorbeelden.
  2. Omkering: ‘ik luister niet naar mijn vriendin’ + drie echte voorbeelden.
  3. Omkering: ‘mijn vriendin luistert wel naar mij’ + drie echte voorbeelden.

Tenslotte, mijn ervaring is dat een illusie niet per se direct verdwijnt nadat ik een overtuiging grondig op waarheid heb onderzocht. Het kan zijn dat de overtuiging nog een tijdje ‘blijft hangen of plakken’ (zie ook: ‘het vliegwielprincipe van het ego’), maar als ik de overtuiging en dito ervaring blijf herkennen als illusionair, dan valt de overtuiging na verloop van tijd vanzelf weg 🙂 ~ lzv